Welkom op
de website

Over ons
zonnestelsel

Over klokken
en tijd

Over ons
weer

Het weer
deze maand

De zon en
zonnebrand

Wind en
wolken

Plaatjes van
planeten

Kijkers en
telescopen

Tijdtellers, klok
en kalender

Wereldbeeld

Ruimte-tijd

Weblinks 1

Weblinks 2

Weblinks 3

Babbelbox

Alle midi files

Het rijk van
de nevels

Over mijn
leven

John N's
Palace

Science
Education

Postvak In

Postvak Uit

Gastenboek

John N's
website



John N's
Web-Seite



















































































































































































































































































































Zoeken naar...

  


meteo.nentjes.org

Teksten over ons weer

  • MENU


DE LUCHT EN DE LUCHTDRUK

Dat lucht druk uitoefent, kan men eenvoudig constateren door een vol bekerglas tot aan de rand gevuld met water en afgedekt met een ansichtkaart op de kop te houden, zonder dat het water er uitvalt. De luchtdruk is zelfs in staat een waterkolom van tien meter hoog op dergelijke manier te dragen (of een kwikkolom van 75 cm).
 
We kunnen ook zeggen dat een kolom atmosferische lucht van meer dan twaalf km hoog, evenveel druk uitoefent als een kolom water van tien meter hoog. Deze heeft een gewicht van tienduizend kg per vierkante meter aardoppervlak. De meteorologen noemen dit een druk van 1 bar = 1000 millibar = 1000 hectoPascal (= 75 cm kwik).
 
Door verwarming of afkoeling van de atmosfeer wordt de lucht lichter of zwaarder. Daarom is de luchtdruk niet constant. Een luchtdruk tussen de 1000 en 1030 millibar is normaal voor ons veranderlijke weer. Daarboven spreekt men van hoge druk, wat meestal gepaard gaat met mooi weer, en daar beneden van lage druk, met slecht weer.
 
Een stijgende luchtdruk wijst op beter weer (nadering hogedrukgebied) en een dalende op slechter weer (nadering lagedruk).
 
Terug naar MENU

DE WIND EN HOGE- EN LAGEDRUKGEBIEDEN

Wind bestaat uit lucht, die zich van een gebied met hoge druk naar een gebied met lage druk beweegt. Door de rotatie van de aarde stroomt lucht in een draaiende beweging (met de klok mee) vanuit een hogedrukgebied. Evenzo wordt lucht in een draaiende beweging (tegen de klok in) naar een lage drukgebied gezogen.
 
Een ander woord voor lagedrukgebied is depressie. Een depressie kenmerkt zich als slecht weer gebied. De wolken in de aangezogen lucht verzamelen zich rondom het centrum van de depressie. Te meer daar de lucht in het centrum wordt opgetild, afkoelt en voor nog meer wolkvorming zorg draagt.
 
Een hogedrukgebied kenmerkt zich door afwezigheid van wolken. De weggezogen lucht uit het centrum wordt aangevuld met droge lucht uit de hogere luchtlagen, waardoor wolkvorming wordt belemmert.
 
Een hogedrukgebied is daarom een mooi weer gebied met in de zomer warme, droge lucht en veel zon en in de winter koude, droge lucht met veel zon.
 
Terug naar MENU

STORM EN ONWEER

Wanneer een depressie zich verdiept, dat wil zeggen dat de luchtdruk erg laag wordt in het centrum van de depressie, dan kan de draaiende lucht rond het centrum zich ontwikkelen tot een storm. In het oog van de storm blijft het meestal windstil. Wanneer het lagedrukgebied heel groot is, bijvoorbeeld zo groot als West Europa, kan de draaiende lucht rond de kern zich ontwikkelen tot orkaankracht. Dit gebeurt meestal in het najaar of voorjaar.
 
Wanneer het lagedrukgebied heel klein is en de luchtdruk verschillen heel groot, wordt de aangezogen draaiende lucht in de kern opgetild tot een hoogte van wel tien km. De lucht koelt hierbij af en vormt de buienwolken voor een onweer.
Uit deze wolken verschijnt soms een slurf van draaiende lucht. Wanneer deze de aarde raakt, hebben we boven land een wervelstorm of windhoos en boven water een waterhoos.
 
De laatst genoemde, meer zeldzame verschijnselen treden alleen op bij sterke plaatselijke verwarming van de lucht in de zomer of najaar.
 
Terug naar MENU

DE BLIKSEM EN DE DONDER

Wanneer we een plastic kam wrijven met een wollen stof wordt deze elektrisch geladen en de kam kan papiersnippers naar zich toe trekken. De geladen kam kan zelfs een dunne straal water uit de kraan afbuigen wanneer ze vlakbij de straal gehouden wordt. Wanneer we zeer droog haar kammen in het donker, zien we elektrische vonken.
 
De door luchtstromingen in een onweerswolk veroorzaakte opstijgende en dalende beweging van waterdruppels en hagelkorrels maakt deze wolk elektrisch geladen. De wolk kan zich elektrisch ontladen door middel van de bliksem. Via de bliksemstraal wordt deze elektrische lading verplaatst naar een andere wolk of naar het aardoppervlak, waarbij de lucht enorm wordt verhit, plotseling uitzet en weer in elkaar klapt. Dit gaat gepaard met donderend geweld.
 
Het is altijd verstandig voor onweer te schuilen en uit de buurt te blijven van hoge spitse voorwerpen. Schuil niet onder een boom en zeker niet onder een eik. Door de lange wortels van de eik, die reiken tot het grondwater is deze boom een natuurlijke bliksemaantrekker. Donar de dondergod is nog altijd dol op Wodan's eiken.
 
Terug naar MENU

DE REGENBOOG

Wanneer we het gazon water geven met een tuinsproeier, terwijl de zon schijnt, dan zien we in het scherm van waterdruppels een regenboog. Hiervoor is het wel nodig dat we met de rug naar de zon staan, als we naar deze mini regenboog voor ons kijken. Als we er op letten, zien we steeds de kleuren rood, oranje, geel, groen, blauw en violet in dezelfde volgorde. Deze kleuren zien we door het samenspel van licht en water (breking en terugkaatsing van zonlicht in de waterdruppels).
 
Op soortgelijke wijze ontstaat de natuurlijke regenboog in regendruppels, waar de zon op schijnt. Ook dan zien we de regenboog als we met de rug naar zon toegekeerd staan. Grote regendruppels geven een smalle boog met heldere kleuren. Kleine regendruppels veroorzaken een bredere boog met vagere kleuren.
 
Ook in dauw, nevel of mist zien we soms een regenboog, waarbij de kleuren niet altijd goed zijn te onderscheiden. De maan kan evenals de zon bij nevelig weer een witte regenboog geven, omdat ons oog bij weinig licht alle kleuren ziet als grijs of wit.
 
Terug naar MENU

DE KANS OP MISTVORMING

Bij een bepaalde temperatuur kan lucht een maximale hoeveelheid waterdamp bevatten, die groter is naarmate de temperatuur hoger is. Bevat de lucht meer waterdamp dan deze maximale hoeveelheid, dan zal deze overgaan in wolken van minuscule waterdruppeltjes en ontstaat mist.
 
In werkelijkheid zal de lucht meestal minder waterdamp bevatten, dan deze maximale hoeveelheid. Deze verhouding (maal honderd procent) tussen de werkelijke en maximale hoeveelheid damp noemen we de relatieve vochtigheid.
 
Als de temperatuur daalt, wordt bij dezelfde hoeveelheid damp in de lucht de relatieve vochtigheid snel groter. Wanneer de relatieve vochtigheid gelijk wordt aan honderd procent kan mistvorming optreden. De temperatuur waarbij dit gebeurt, noemen we het dauwpunt.
 
Daalt de temperatuur nog verder, dan neemt de mistvorming snel toe. In feite is mist een soort wolkvorming aan de koude grond.
 
Terug naar MENU

WOLKENSOORTEN

We onderscheiden tien wolkensoorten of wolkengeslachten. Naar het uiterlijk van deze wolken komen ze voor in een egale laag (stratus) op zijn ze opeengestapeld (cumulus).
 
De wolken worden verder ingedeeld in hoge wolken (voorvoegsel: cirro), middelbare wolken (voorvoegsel: alto) en lage wolken (geen voorvoegsel).
 
Hoge wolken zijn melkwit en bestaan uit ijskristalletjes.
 
Middelbare wolken zijn grauwwit of blauwwit en bevatten zowel waterdruppeltjes als ijskristalletjes.
 
Lage wolken zijn grauwgrijs tot donkergrijs en bevatten alleen waterdruppeltjes.
 
Hoge wolken zijn:
a. Cirrus - veegwolk
b. Cirrocumulus - ribbeltjeswolk
c. Cirrostratus - melklucht
 
Middelbare wolken zijn:
a. Altocumulus - schaapjeswolk
b. Altostratus - matglaslucht
 
Lage wolken zonder regen zijn:
a. Cumulus - stapelwolk
b. Stratus - mistlucht
c. Stratocumulus - golfwolk
 
Lage wolken met regen (nimbus) zijn:
a. Cumulonimbus - buienwolk
b. Nimbostratus - regenlucht
 
Terug naar MENU

SOORTEN NEERSLAG

Mist: zichtvermindering van minder dan een kilometer door zwevende fijne waterdruppels
Nevel: zichtvermindering van meer dan een kilometer door zwevende fijne waterdruppels
Heiigheid: zichtvermindering van meer dan een kilometer door luchtverontreiniging (rook of fijn zand)
Smog: stadsmist veroorzaakt door luchtverontreiniging
Dauw: waterdamp condenseert op voorwerpen vlakbij de grond
Rijp: waterdamp bevriest op voorwerpen vlakbij de grond
Ruige rijp: onderkoelde waterdruppels meegevoerd door de wind bevriezen op struiken en bomen
Regen: vallende waterdruppels
Sneeuw: vallende vlokken in de vorm van vertakte ijskristalletjes
Hagel: vallende hagelstenen bestaande uit ijs
Ijzel: vallende onderkoelde waterdruppels bevriezen op de grond
 
Terug naar MENU

LUCHTSOORTEN

Als lucht langere tijd in eenzelfde gebied verblijft, neemt het de eigenschappen van dit brongebied over, wat betreft temperatuur en luchtvochtigheid. Afhankelijk van deze bron onderscheiden we vier luchtsoorten.
 
1.Arctische lucht (A) afkomstig van 70 - 90 graden NB.
2.Polaire lucht (P) afkomstig van 45 - 70 graden NB.
3.Tropische lucht (T) afkomstig van 15 - 45 graden NB.
4.Equatoriale lucht (E) afkomstig van 20 - 0 graden NB.
 
Lucht afkomstig van zee (maritiem) bevat veel waterdamp en voert altijd wolken mee. Lucht afkomstig van land (continentaal) is droog en meestal zonder wolken. Evenzo brengt noordenwind koude lucht en zuidenwind warme lucht. Equatoriale lucht komt in ons land niet voor.
De onderscheiding tussen maritiem (m) en continentaal (c) duidt men aan door voor de hoofdletter van de luchtsoort (A, P of T) een kleine letter m of c te zetten.
 
TABEL voor de windrichting en aangevoerde lucht:
 
1 - Zuid tot zuidoost cT
2 - Zuid tot zuidwest mT
3 - West tot zuidwest mP = mG
4 - West tot noordwest mP
5 - Noord tot noordwest mA
6 - Noord tot noordoost cA
7 - Oost tot noordoost cP
8 - Oost tot zuidoost cP = cG
 
N.B. Gematigde lucht (G) is polaire lucht van meer zuidelijke afkomst.
In feite is polaire lucht van subpolaire afkomst evenals tropische lucht van subtropische oorsprong is.
 
Wanneer twee luchtsoorten elkaar ontmoeten, ontstaat een front, waar zich wilde taferelen afspelen (regen en onweersbuien).
 
Terug naar MENU

FRONTENSYSTEMEN

Fronten ontstaan op plaatsen waar koude en warme lucht elkaar ontmoeten. We onderscheiden drie soorten fronten.
a. Koufront: koude lucht verdrijft warme lucht; dit gaat gepaard met wind, veel regen en/of onweer
b. Warmtefront: warme lucht verdrijft koude lucht; minder regen en wind dan bij een koufront
c. Gemengd front: een warmtefront wordt ingehaald door een koufront, waarbij ook wind en veel regen te verwachten valt
 
Voorafgaand aan de passage van een koufront krimpt de wind en daalt de barometer. De passage gaat gepaard met urenlange en hevige regenbuien met windstoten en/of onweer. Daarna ruimt de wind, stijgt de barometer en daalt de temperatuur. Ook volgen daarna de opklaringen.
 
Enkele dagen voor de passage van een warmtefront betrekt de lucht met hoge bewolking. De bewolking wordt geleidelijk donkerder van kleur naarmate ze van hoge via middelbare overgaat in lage bewolking. Deze lage bewolking bestaat uit regenlucht met langdurige motregen of regen. Voor de passage krimpt de wind en daalt de barometer. Na de passage ruimt de wind, daalt de barometer niet verder en stijgt de temperatuur. Na het front volgt een laag egaal wolkendek met nevelig en regenachtig weer.
 
Bij de passage van een gemengd front bestaat de bewolking uit een combinatie van buienwolken en regenwolken met veelal urenlange neerslag. Voor de passage zien we de kenmerken van een warmtefront en na de passage die van een koufront.
 
Terug naar MENU

WINDSYSTEMEN VAN GLOBALE STROMINGEN

Globale stromingen worden veroorzaakt door hogedruk en lagedruk zones (maxima en minima) op wereldwijde schaal. De stromingen zijn vanaf of naar de evenaar en van of naar de polen gericht. De lucht circuleert via de bovenlucht heen en terug via het aardoppervlak of omgekeerd.
 
Als voorbeeld bekijken we de luchtstromingen in een kamer met een warme kachel bij de muur tegenover de koude ramen. De verwarmde lucht stijgt op bij de kachel, stroomt langs het plafond naar de ramen, koelt af en daalt bij de ramen naar de vloer. De lucht wordt langs de vloer weer naar de warme kachel gezogen. Bij de warme kachel heerst een plaatselijk minimum en bij de ramen een maximum voor de luchtdruk, omdat warme lucht lichter is dan koude lucht.
 
Bij de zeer warme evenaar heerst altijd een globaal minimum en bij de zeer koude polen een globaal maximum voor de luchtdruk.
 
De lucht kan echter niet rechtstreeks van de polen naar de evenaar stromen omdat de afwijkingen veroorzaakt door de aardrotatie zo sterk zijn dat de noord-zuid stromingen omgezet worden in oost-west stromingen.
 
Noord-zuid stromingen hebben volgens de wet van Buys-Ballot een afwijking naar rechts op het noordelijk halfrond. Deze afwijking is is in de richting van je rechterhand, als je met de wind meeloopt (met de wind in de rug).
 
TABEL voor globale maxima en minima.
 
a. Het Arctisch maximum zeer koude dalende lucht
b. Het subpolair minimum opgewarmde Arctische lucht stijgt op
c. Het subtropisch maximum afgekoelde equatoriale lucht daalt
d. Het equatoriaal minimum zeer warme opstijgende lucht
 
Arctische lucht daalt bij a, stroomt langs het zeeoppervlak van a naar b, stijgt bij b op en gaat via de bovenlucht terug naar a.
 
Equatoriale lucht daalt bij c, stroomt langs het zeeoppervlak van c naar d, stijgt op bij d en gaat via de bovenlucht terug naar c.
 
Voorbeeld van b is het Groenland lagedrukgebied veroorzaakt door aangevoerde Arctische lucht, die door het zeewater wordt opgewarmd.
 
Voorbeeld van c is het Azoren hogedrukgebied veroorzaakt door aangevoerde equatoriale lucht, die door het zeewater wordt afgekoeld.
 
Verstoringen in dit patroon worden voornamelijk veroorzaakt door de ontmoeting van warme lucht van c en koude lucht van b op onze gematigde breedte. Boven de Atlantische Oceaan ontstaan dan de welbekende depressies tussen Ierland en IJsland Door westelijke straalstromen in de bovenlucht worden deze extra versterkt en richting West Europa getrokken.
 
Terug naar MENU

KLIMATEN VOLGENS DE DUITSER WLADIMIR KOPPEN

In volgorde van afnemende temperaturen op aarde:
A. Tropische regenklimaten.
B. Droge klimaten.
C. Gematigde zeeklimaten.
D. Gematigde landklimaten.
E. Poolklimaten.
 
De letters A t/m E geven het hoofdklimaat aan. Een tweede toegevoegde letter geeft een verdere onderverdeling.
w = wintertrocken (met droge winter)
s = sommertrocken (met droge zomer)
f = feucht (met neerslag in alle jaargetijden)
S = Steppe (steppe)
W = Wuste (woestijn)
T = Tundra (toendra)
F = Frost (vorst)
 
We onderscheiden zo twaalf klimaten op aarde.
 
Af. Tropisch regenwoudklimaat (9% van het aardoppervlak)
Aw. Savanneklimaat (11%)
BS. Steppeklimaat (14%)
BW. Woestijnklimaat (12%)
Cf. Noordwesteuropaklimaat (6%)
Cs. Middellandse-Zeeklimaat (2%)
Cw. Chinaklimaat (8%)
Df. Sneeuw-bosklimaat zonder droge perioden (16%)
Dw. Sneeuw-bosklimaat met koude droge winter (5%)
ET. Toendraklimaat (7%)
EF. Sneeuw- en ijsklimaat of soms afzonderlijk onderscheiden:
EH. Hooggebergteklimaat (laatste twee samen 10%)

Terug naar MENU

WIND EN WOLKEN

Het computer programma bestaat uit meerdere simulaties en teksten over ons weer. Het programma is gemaakt voor een moderne DOS-computer met VGA-kaart en kleurenmonitor en werkt ook in Windows 95 en Windows 3x.

Klik op deze link voor voorbeelden van SIMULATIES.

Het programma is gemaakt voor leerlingen en leerkrachten van de hoogste klassen van de basisschool en de klassen van de basisvorming en alle andere belangstellenden voor educatieve programma's over weer- en sterrenkunde.
 
Het computerprogramma 'Wind en wolken' is een product van
Drs. J. Nentjes. Dit programma is geen shareware en mag op geen enkele manier worden verspreid zonder schriftelijke toestemming van de maker.
Voor opmerkingen over het programma en de teksten of wensen voor een volgende versie kunt u zich per brief of E-mail wenden tot bovengenoemde.

Het computerprogramma 'Wind en wolken' is gratis te downloaden via de Postvak Uit.
 
Terug naar MENU
 

Wind en Wolken

`banner-2.gif (1756 bytes)

kompas.gif (56962 bytes)

Voorspel zelf het weer op basis van windrichting, windkracht, wolken, etc.  Interactieve pagina's met Javascript.


   

Teller voor Jan N's website.
Bezoekers per land vandaag.


Bezoekers per locatie sinds de laatste 24 uren.
Nu online in rode cirkels.


Vakantie en reisbureau Benelux | DE | FR | UK | Internationaal

Jan N's Marktplein NL DE AT FR UK US CA UN Dating Music Boating



Dutch   German   Jan N's Web   English   French

Welkom | Index-NL | Het rijk van de ZonMaan | Sterren en planeten | Nevels | Heelal | Kijkers en telescopen | Info Zonnestelsel | Astronomische klok | Ons weer | Zonnebrand | Wind en wolken | Wereldbeeld | Ruimte en tijd | Tellers, klok en kalender | Klokken en tijdzones | Onze Atoomtijd Dienst | Kookwekker | BMI calculator | De klokken van A'dam | Christelijke kalender | Babbelbox | Alle songs en midi's | Radio Nautilus | Web-Games | Top Nieuws en Weer | Nieuws van Overzee | Space News | Geheime diensten | As van het Kwaad | Antivirus Utilities | Jan N's Palace | Palace Bon Bini | Palace Friends List | Science EducationTTS Machines | Over mijn leven | Noordzeevisserij | Euro Calculator | Vreemde Valuta | Uw hypotheek of lease | Weblinks 1 | Weblinks 2 | Weblinks 3 | ZoekenInternationaal Winkelplein | Mijn virtueel kantoor | Gratis Astro Software | Gratis email adres | Stats | Site Map | Wijshedenboek | Gastenboek

Email John N

Google
 

© Copyright: John N's Web. Design, webmaster en auteur: Drs. Jan Nentjes.